De Zusters van O.L.V.-ten-Bunderen (vanaf omstreeks het jaar 1269)
Moorslede 1269-1578
Frankrijk 1578-1587
Ieper 1587-1785
Moorslede 1785-2004
Zonnebeke 2004 -
varia

   Zoek op deze site met FreeFind

 

beluister ClassicFM NL tijdens het surfen, 126 K stereo ('Windows Media Player' vereist)

Compostela - de "Camino francés" route


Vanaf de 11de eeuw hebben tientallen miljoenen pelgrims de "Camino francés" bewandeld, de 750 kilometer lange route in Noord-Spanje die westwaarts loopt van Puenta la Reina (Navarra) naar Santiago de Compostela (Galicië). In Puenta la Reina kwamen de 4 grote Franse St.-Jakobspelgrimswegen samen en vormden nog slechts één weg richting Compostela, de "Camino francés" ("Strata Francorum"). Die werd zo genoemd omdat vooral bedevaarders uit Frankrijk, bij uitbreiding uit héél Noordwestelijk-Europa (inclusief Vlaanderen), er gebruik van maakten.


Tot de 11de eeuw werd de binnenlandse pelgrimsweg de "Iter Sancti Jacobi" of "Strata Sancti Jacobi" geheten. Deze weg werd door de Spanjaarden ook de "Ruta Interior" genoemd, om hem te onderscheiden van de "Ruta de la Costa". Deze parallel lopende oude kustweg was vanaf de ontdekking van het graf van de apostel Jacobus (in het begin van de 9de eeuw) de pelgrimsroute bij uitstek naar Compostela, vooral om veiligheidsredenen. Door de Moorse bezetting sinds de 8ste eeuw was reizen op de binnenlandse wegen in vrijwel héél Spanje een zéér risicovolle onderneming, behalve in een smalle "christelijke" strook aan de Spaanse Noordkust. Maar vanaf de eerste helft van de 11de werden de Moren op het Iberisch Schiereiland steeds meer zuidwaarts teruggedrongen door de christelijke koninkrijken tijdens de zogeheten "Reconquista" of herovering van Spanje, met de apostel Jacobus als hemelse beschermheer!


Zo kwam "Ruta Interior", de Compostela-route in het Noord-Spaanse binnenland opnieuw in trek. Aanvankelijk werd grotendeels gebruik gemaakt van een oude Noord-Spaanse romeinse heirbaan. Maar onder impuls van de koningen van Galicië, Castilië, Asturië, Cantabrië en Navara werd naar het einde van de 11de eeuw toe één verkeersas uitgebouwd, die westwaarts loopt van de Pyreneeën naar het graf van Jacobus in Compostela, en die tot op vandaag blijft bestaan onder de naam "Camino francés". De christelijke vorsten schaften tolgelden af voor pelgrims, financierden de herstelling van bestaande en de bouw van nieuwe bruggen over de rivieren en stimuleerden de oprichting van onthaalcentra voor de pelgrims (gasthuizen, herbergen, hotels) en woonkernen langs de weg. Ook de bisschoppen en de vele kloosters (afhankelijk van de machtige en invloedrijke moederabdij in het Bourgondische Cluny) hielpen daarbij in niet geringe mate. Op deze pagina volgen we het hele traject van de Camino met een korte beschrijving van de belangrijkste haltes en heiligdommen.

Puenta La Reina

de beroemde middeleeuwse brug over de Arga in Puenta La Reina
de beroemde middeleeuwse brug over de Arga in Puenta La Reina

Dit stadje in Navarra is het vertrekpunt van de ongeveer 800 km lange "Camino francés" doorheen Noord-Spanje naar Santiago de Compostela in Gallicië. Hier hielden de Tempelridders vanaf het begin van de 13de eeuw een groot H. Kruisgasthuis voor pelgrims open, dat in 1312 (na de opheffing van deze Ridderorde) werd overgenomen door de hospitaalridders van St. Jan van Jeruzalem. Er is een 12de-eeuwse romaanse Santiagokerk, met binnen een houten gepolychromeerd beeld (14de eeuw) van de heilige apostel. Aan de uitgang van het dorp bevindt zich de beroemde brug met 6 bogen over de rivier de Arga, speciaal gebouwd voor de pelgrims in het begin van de 11de eeuw, wellicht op initiatief van Mayor van Castilië, echtgenote van de koning van Navarra, Sancho III de Grote. "Puente la Reina" betekent dan ook letterlijk "Brug van de Koningin".

Cirauqui

resten van een antieke Romeinse heerweg bij Cirauqui
resten van een antieke Romeinse heerweg bij Cirauqui

In dit dorp op een heuvel bezochten de pelgrims de 13de-eeuwse San Romankerk. Over de rivier de Solado is in de 12de eeuw een bevallig brugje gebouwd. Verderop ligt nog een stuk van een oude Romeinse heerweg.

Estella

de romaanse kerk San Pedro de la Rua met het aanpalend kloosterpand
de romaanse kerk San Pedro de la Rua met het aanpalend kloosterpand in Estella

Dit stadje in een diepe ravijn, op de oever van de rivier de Ega, bezit enkele fraaie romaanse bouwwerken uit de 12de eeuw, zoals de kerk San Pedro de la Rua, de kerk San Miguel en het "Palacio de los Reyes", het paleis van de koningen van Navarra. Ook de kerk van het H. Graf met haar gotische voorgevel is een bezoek overwaard.

Irache

het klooster Santa Maria la Real in Irache
het klooster Santa Maria la Real in Irache

Het cistercienserklooster van Santa Maria la Real, met zijn fraaie 12de eeuwse romaanse kerk, wordt reeds vermeld in de 10de eeuw maar bestond misschien al in de tijd van de Westgoten. Vanaf 1050 was er een hospitaal voor pelgrims aan verbonden. Vanuit Irache trokken de pelgrims verder via Villamayor de Monjardin, Los Arcos, Torres del Rio (met een prachtige romaanse kerk van het H. Graf) en Viana naar Logroño.

Logroño

De kruisiging van Jezus. Michelangelo (1540). Logroño, Santa Maria del Palacio kerk
De kruisiging van Jezus. Michelangelo (1540). Logroño,
Santa Maria del Palacio kerk

In deze stad rest niet zoveel uit de bloeiperiode van de Compostela-pelgrimages. De kerk Santa Maria del Palacio, met haar opvallende scherpe gotische toren, bezit een schilderij met de "Kruisiging", toegeschreven aan Michelangelo, voorts een stenen romaans Mariabeeld en een 16de eeuws retabel. Voorts is er de kerk San Bartolomé met een fraai gesculpteerd laat-romaans portaal van het einde van de 13de eeuw, de barokke kathedraal Santa Maria la Redonda en tenslotte de 16de eeuwse gotische kerk Santiago el Real met in de voorgevel een barokke voorstelling van Jacobus als Morendoder met geheven zwaard en banier, gezeten op een paard, en binnen een St. Jakobsretabel.

het kasteel van Clavijo nabij Logroño
het kasteel van Clavijo nabij Logroño

Ten zuiden van Logrono zijn nog de ruïnes te bekijken van het kasteel van Clavijo. Volgens de legende verscheen Jacobus hier in 844, tijdens de beslissende Slag van Clavijo, waar hij als ruiter mee vocht aan de zijde van de christenen om de Moren te verslaan.

Najera

het koninklijk Pantheon in de crypte van het klooster Santa María la Real in Najera
het koninklijk Pantheon in de crypte van het klooster Santa María la Real in Najera

Hier staat het klooster Santa María la Real, gesticht door de koning van Navarra in 1045 om o.m. arme pelgrims onderdak te verschaffen. In 1367 werd het klooster tijdens plaatselijk oorlogsgeweld geplunderd en tussen 1422 en 1453 in gotische stijl heropgebouwd. St. Ignatius van Loyola, stichter van de Jezuïetenorde, verbleef hier tussen 1517 en 1528. In de kloosterkerk bevinden zich de graftomben van 12 koningen en koninginnen uit de 11de en 12de eeuw.

San Millan de la Cogolla

het Monasterio de Suso in San Millan de la Cogolla
het Monasterio de Suso in San Millan de la Cogolla

Vanuit Najera maakten hoogst waarschijnlijk veel pelgrims vanuit Najera een omweg naar San Millan de la Cogolla. Daar stond vanaf het begin van de 11de-eeuwse de romaanse benedictijnerabdij Monasterio de Suso. De bedevaarders vereerden er het reliekschrijn van de heilige Millan, een kluizenaar uit de 6de eeuw.

Santo Domingo de la Calzada

de voorgevel van de kathedraal in Santo Domingo de la Calzada.
de voorgevel van de kathedraal in Santo Domingo de la Calzada

De stad was bekend om haar kathedraal Santo Domingo de la Calzada. De pelgrims gingen in de crypte bidden bij een sarcofaag met het gebeente van de H. Domingo, een 11de-eeuwse kluizenaar uit de buurt die een weg ("calzada") aanlegde en een kapel, hospitaal en brug over de rivier de Oja bouwde voor de passanten. Aan Santo Domingo werden, na zijn dood, vele mirakelen toegschreven. Het oorspronkelijk romaanse bouwwerk, waarvan enkel het koor en de kooromgang behouden zijn gebleven, werd vanaf 1168 vervangen door een nieuwe vroeggotische kerk en baroktoren uit 1767. In de linkerarm van de dwarsbeuk bevindt zich zeker al sinds 1350 de fameuze "gallinero", een hok waarin een witte kip en haan worden gehouden.

het befaamde hok met de kip en de haan in de kathedraal
het befaamde hok met de kip en de haan in de kathedraal van Santo Domingo de la Calzada

Dit houdt verband met een mirakelverhaal over een Duits pelgrimsechtpaar dat, samen met een 18 jarige zoon, logeerde in een herberg in Santo Domingo. Tijdens nacht probeerde de herbergiersdochter de zoon te verleiden, maar deze ging daar niet op in. Het meisje stopte heimelijk een zilveren beker in de reistas van de jongen en beschuldigde hem van diefstal. De jongen werd veroordeeld en opgeknoopt. De ouders stelden bij hun terugkeer uit Compostela vast dat hun zoon nog levend aan de galg hing. Ze gingen naar de rechter, die op dat moment net aan tafel zat, terwijl boven het vuur een kip en een haan werden gebraden. "Uw zoon is net zo levend als deze gebraden kip en haan", zei de rechter spottend. Maar de hoenders kwamen terstond tot leven en de rechter gaf de jongen aan zijn ouders terug.

Vanuit Santo Domingo de la Calzada volgden de pelgrims de "Camino francés" via Redecilla, Castidelgadon Viloria de Rioja, Belorado, Tosantos, Villambistia, Espinoza del Camino, San Felices en Villafranca tot in San Juan de Ortega.

San Juan de Ortega

voorgevel van de kloosterkerk van het Augustijnen
voorgevel van de kloosterkerk van de Augustijnen. San Juan de Ortega.

Omstreeks 1115 werd in dit dorp een kapel en een gasthuis gesticht door de H. Juan de Ortega. In 1138 werd op die plek een priorij gebouwd, bewoond door een communauteit van reguliere kanunniken van St. Augustinus. Vanaf 1432 werden ze opgevolgd door monniken van de Spaanse Orde van de H. Hieronymus. In de kloosterkapel St. Nikolaas (waarvan enkel nog de oorspronkelijke absissen en kruisbeuk overblijven) kwamen de pelgrims er het graf groeten van San Juan de Ortega.

Burgos

de gotische kathedraal Santa Maria in Burgos
de gotische kathedraal Santa Maria in Burgos

Burgos was de hoofdstad van het oude koninkrijk Castilië. Dé blikvanger bij uitstek voor de bedevaarders was de machtige gotische kathedraal Santa Maria de Burgos met haar vele kunstschatten (o.m. Vlaamse schilderijen en wandtapijten), gebouwd vanaf 1221 (1ste fase) tot de 14de eeuw (2de fase met o.m. het klooster).

miraculeus kruisbeeld in de kathedraal van Burgos
miraculeus kruisbeeld in de kathedraal van Burgos

In de Christus-kapel hangst een oud miraculeus kruisbeeld dat, volgens de overlevering, door Nicodemus werd gemaakt en later werd gevonden in een koffer op zee door een koopman uit Burgos. Verder zijn er in Burgos de gotische kerken San Lesmes (die een Vlaams retabel bezit), San Gil, San Esteban en San Nicolas.

de romaanse kruisgang van het las Huelgas klooster in Burgos
de romaanse kruisgang van het las Huelgas klooster in Burgos

Een andere bezienswaardigheid was het cistercienserklooster las Huelgas, waaraan werd gewerkt vanaf 1187 tot de 2de helft van de 13de eeuw, waarin tal van vorsten van Castilië begraven liggen. Naast de kloosterkerk, waarin zich Vlaamse retabels bevinden en 13de-eeuwse glasramen, is de fraaie romaanse kloostergang.

een kapiteel in de kruisgang van het klooster van Santo Domingo de Silos
een kapiteel in de kruisgang van het klooster van Santo Domingo de Silos

Vanuit Burgos maakten somige pelgrims een ommetje, 50 km zuidwaarts, naar de prachtige11de-eeuwse abdij van Santo Domingo de Silos, waarvan de pijlers en kapitelen in de kloostergang behoren tot het mooiste van wat de romaanse beeldhouwkunst heeft nagelaten.

Degenen die de Camino bleven volgen passeerden in Rabe de las Calzadas en Hornillos del Camino (waar men in de priorij San Anton een reliek kon vereren van de H. Antonius, die in 1095 uit Constantinopel was meegbracht, en waar een nu verdwenen hospitaal stond van Antonieten-monniken) om aan te komen in Castrojeriz.

Castrojeriz

Castrojeriz met de Virgen del Manzanokerk op de voorgrond
Castrojeriz met de Virgen del Manzanokerk op de voorgrond

Hier waren 7 hospitalen voor bedevaarders. Deze konden er een bezoek brengen aan 4 kerken, o.m. de Colegiata de la Virgen del Manzano (ooit romaans, maar in de 18de eeuw ingrijpend verbouwd), de goed bewaarde kerk Santo Domingo (waarin 6 grote wandtapijten hangen, die naar tekeningen van Rubens zijn geweven) en tenslotte de kerk San Juan.

brugs wandtapijt in de kerk Santo Domingo van Castrojeriz
Vlaams wandtapijt in de Santo Domingokerk van Castrojeriz

Vanuit Castrojeriz liep de Camino langs Itero de la Vega, Boadilla del Camino en de mooie 11 bogige brug (ca. 1100) "Ponteroso" over de rivier de Pisuerga, zo naar Frómista.

Frómista

romaanse kerk van de San Martinabdij in Frómista
romaanse kerk van de San Martinabdij in Frómista

Vlakbij dit dorp stond vanaf het begin van de 11de eeuw een benedictijnerabdij San Martin met bijhorend hospitaal. Enkel de kerk is overgebleven. Hoewel ze in de 19de eeuw nogal ingrijpend werd gerestaureerd blijft ze toch een juweeltje van romaanse bouwkunst met een 50-tal prachtige kapitelen en ruim 300 versierde consoles.

Villalcàzar de Sirga

de kerk Santa Maria la Blanca in Villalcàzar de Sirga
de kerk Santa Maria la Blanca in Villalcàzar de Sirga

het mirakelbeeld La Virgen blanca in de kerk van Villalcàzar de Sirga
het mirakelbeeld "La Virgen blanca" in de kerk van Villalcàzar de Sirga

In dit dorp staat de reusachtige kerk Santa Maria la Blanca, waarin de pelgrims gingen bidden bij het miraculeuze Mariabeeldje "La Virgen blanca de Villa Sirga". Deze kerk, met haar mooi portaal en retabel, zou door de Tempeliers zijn gebouwd in de 12de eeuw, naast hun plaatselijke commanderij. Ernaast stond ook een gasthuis dat in 1702 werd overgedragen aan de Ridderorde van Santiago.

Carrión de los Condes

de romaanse voorgevel van de St. Jakobskerk in Carrión de los Condes
de romaanse voorgevel van de St. Jakobskerk in Carrión de los Condes

was bekend voor zijn romaanse kerk Santa Maria del Camino (1ste helft van de 12de eeuw) met een rijk versierd portaal. Tegenover de kerk stond het Herrada hospitaal. Van de 12de-eeuwse St. Jakobskerk op het marktplein is enkel de gevel met portaal overgebleven, een meesterwerk van romaanse beeldhouwkunst. Bij het verlaten van de stad bezochten de pelgrims het benedictijnerklooster van San Zoilo (gesticht in de 11de eeuw) om er de relieken te vereren van de H. Zoilus, een martelaar uit de Romeinse tijd. Van het oorspronkelijke klooster en bijhorend gasthuis voor pelgrims blijft slechts binnenin een romaans portaal over met 3 tympanen. Het huidige klooster dateert van de 16de eeuw.

Sahagun

de kerk La Peregrina van het vroegere Franciscanenklooster in Sahagun
de kerk La Peregrina van het vroegere Franciscanenklooster in Sahagun

De naamplaats Sahagún is afgeleid van San Fagun > San Hagun, Sint Facundus (de zoon van een bekeerde Romeinse honderdman) die hier, samen met de H. Primitivus, in de 3de eeuw de marteldood stierf. In 872 werd een benedictijnerabdij gesticht, waar beide heiligen werden vereerd. De abdij groeide vanaf de 11de eeuw uit tot "het Spaanse Cluny", met tientallen kloosterfilialen, een scriptorium en een groot gasthuis voor pelgrims eraan verbonden. In de 19de werd het ooit zo machtige klooster door 2 branden vrijwel volledig met de grond gelijk gemaakt. In Sahagun waren ooit 4 pelgrimsgasthuizen. Ook 9 kerken, waarvan er 4 zijn overgebleven, o.m. de kerk La Peregrina (13de eeuw) van een verdwenen Franciscanenklooster.

San Miguel de Escalada

de abdijkerk in mozarabische stijl van San Miguel de Escalada
de 10de-eeuwse abdijkerk in mozarabische stijl van San Miguel de Escalada

Na Sahagun passeerden de pelgrims de versterkte stad Mansilla de las Mulas en weken vervolgens even af van de Camino om in San Miguel de Escalada een bezoek te brengen aan de mozarabische kerk, toegewijd aan de aartsengel Michael. De kerk maakte deel uit van een (inmiddels verdwenen) benedictijnerabdij uit de 10de eeuw.

deel van de romaanse kruisgang van de abdij in Gradefes
deel van de romaanse kruisgang van de abdij in Gradefes

Nog verderweg, in Gradefes, staat een mooie 12de-eeuwse romaanse abdij voor trappistinnen, waarvan men heden nog de kerk en de kruisgang kan bewonderen.

León

de gotische kathedraal Santa Maria de la Regla in León
de gotische kathedraal Santa Maria de la Regla in León

De voornaamste trekpleister van León was de gotische kathedraal Santa Maria de la Regla (gebouwd vanaf de 13de tot de 15de eeuw), met haar indrukwekkende glas-in-loodramen (met een totale oppervlakte van 1200 meter² vergelijkbaar met Chartres) en een 15de-eeuws koorgestoelte, gemaakt door kunstenaars uit de Nederlanden.

het Panteon Real in de crypte van de basiliek San Isidoro in León
het "Panteon Real" in de crypte van de basiliek San Isidoro in León

Nog een bezienswaardigheid is de basiliek San Isidoro, die de pelgrims gewoonlijk betraden langs de "Puerta del Perdon". Van het oorspronkelijke 11de-eeuwse romaanse kerkgebouw is enkel het mausoleum overgebleven, waarin de leden van de koninklijke familie van het middeleeuwse koninkrijk León zijn begraven. Dit "Panteon Real" wordt, omwille van zijn romaanse muurschilderingen (één van de meest waardevolle collecties ter wereld), wel eens de Sixtijnse kapel van de romaanse kunst genoemd. In het museum naast de basiliek San Isidoro bevinden zich een aantal waardevolle schatten: de met edelstenen bezette kelk van koningin Urraca (11de eeuw), de reliekurne van St. Jan de Doper en het reliekschrijn van San Isidoro.

het vroegere pelgrimsgasthuis Hostal San Marcos in León
het imposante Hostal San Marcos in León

Bij het verlaten van Leon kwamen de bedevaarders bij het Hostal San Marcos. Het hospitaal werd gesticht in de 12de eeuw. Het huidige gebouw, daterend van het begin van de 16de eeuw, werd bewoond door ridders van de Orde van Santiago. Opvallend is de versiering van de voorgevel van de kerk met sint-jakobsschelpen.

de middeleeuwse brug in Hospital de Orbigo
de middeleeuwse brug in Hospital de Orbigo

Vanuit Léon ging de tocht verder via Hospital de Orbigo, waar de pelgrims de ruim 200 meter lange middeleeeuwse brug over de rivier de Orbigo overstaken.

Astorga

de kathedraal Santa Maria (links) en het bisschoppelijk paleis (rechts) in Astorga
de kathedraal Santa Maria (links) en het bisschoppelijk paleis (rechts) in Astorga

De pelgrims gingen er binnen in de imposante kathedraal Santa Maria. Ze werd opgetrokken tussen 1471 en 1693 en bezit een mengeling van laatgotische, renaissance, barok en plateresque stijlinvloeden. In een van de zijkapellen staat een retabel, geschilderd door een Vlaamse meester.

altaarretabel. Anonieme Vlaamse schilder. Kathedraal van Astorga
altaarretabel. Anonieme Vlaamse schilder. Kathedraal van Astorga

Vlakbij de kathedraal is een cel waarin vrouwen zich levenslang lieten opsluiten om boete te doen en te bidden, en die leefden van wat de voorbijgangers hen gaven. Naast de kathedraal staat nu ook het bisschoppelijk paleis, gebouwd van 1889 tot 1913 naar plannen van de bekende architect Antonio Gaudi, dat veel weg heeft van een een renaissance-kasteel.

Foncebadón

Cruz de Ferro in Foncebadón
"Cruz de Ferro" in Foncebadón

Dit is nu een verlaten dorp, maar vanaf de 10de eeuw was het een belangrijke halte van de Camino. Op de top van de Col de Foncebadón (1500 meter boven de zeespiegel) staat sinds het begin van de 11de eeuw een ijzeren kruis, "Cruz de Ferro", op een lange staak. Aan de voet ervan gooiden de voorbijtrekkende pelgrims op rituele wijze een steen. Vanaf hier daalde de weg af via de dorpen Manjarin, El Acebo, Riego de Ambros en Molinaseca naar Ponferrada.

Ponferrada

het imposante Tempelierskasteel in Ponferrada
het imposante Tempelierskasteel in Ponferrada

In 1082 werd hier een brug "Pons ferratus" gebouwd over de rivier de Sil voor de pelgrims, die tot dan met een veerboot moesten oversteken. De stad Ponferrada gaat prat op zijn reusachtig kasteel, dat in 1119 werd opgericht door de Tempeliersorde en een oppervlakte van ruim 8000 meter² beslaat. Nog een bezienswaardigheid is het kerkje Santo Tomas de las Ollas in mozarabische stijl. In de Middeleeuwen waren er 4 gasthuizen voor pelgrims, o.m. het "Hostal de la Reina", geschonken in 1498 door de koningin van Castilië Isabella I, bijgenaamd "la Católica" (de Katholieke).

Peñalba de Santiago

9de-eeuws kloosterkerkje in Peñalba de Santiago
9de-eeuws kloosterkerkje in Peñalba de Santiago

Dit schilderachtig dorpje, vlakbij Ponferrada, is zeer idyllisch gelegen temidden van kalkrotswanden in de "Valle del Silencio" (Vallei van de Stilte). In 937 werd daar een klooster gebouwd. Het nog overgebleven kerkje - met zijn 2 hoefijzervormige bogen in het portaal - is een mooi voorbeeld van mozarabische bouwstijl. De pelgrims hadden er dan ook graag een omwegje voor over om het te bezoeken.

Villafranca del Bierzo

het Vergiffenis-portaal van de St. Jakobskerk
het Vergiffenis-portaal van de St. Jakobskerk in Villafranca del Bierzo

Deze stad werd, zoals de naam het zegt, omstreeks 1100 door Fransen gesticht. Pelgrims die wegens ziekte, verwondingen of een andere ernstige reden niet meer verder konden, en die langs de "Puerta del Perdon" (het Vergiffenis-portaal) de romaanse St.-Jacobskerk binnengingen, verwierven automatisch dezelfde geestelijke weldaden als in Santiago de Compostela.

Cebreiro

Santa Maria la Real kerkje in Cebreiro
Santa Maria la Real kerkje in Cebreiro

Zo'n 50 km verder, bij het oversteken van de steile col van de Cebreiro (1293 m hoogte) arriveerden de pelgrims eindelijk in het verre Galicië. Boven op de Cebreiro stichtten benedictijnermonniken een gasthuis voor pelgrims. Op die plaats staat nu een pre-romaans kerkje Santa Maria la Real (9de en 10de eeuw) met binnen een miraculeus 12de-eeuws Mariabeeldje.

Sarria

het klooster de la Magdalena in Sarria
het klooster de la Magdalena in Sarria

De bedevaarders bezochten er het romaanse kerkje San Salvador. Wat verder ligt het Convento de la Magdalena. Op de voorgevel van dit klooster is de H. Maria Magdalena gebeeldhouwd, varend in het bootje waarmee ze volgens de overlevering vanuit Palestina naar Zuid-Frankrijk zou zijn gevaren. Even voorbij Sarria, namen de pelgrims soms een 2 km lange zijweg om een bezoek te brengen aan de 11de-eeuwse romaanse kerk Santiago de Barbadelo, met haar fraai gebeeldhouwd portaal.

Palas de Rey

het romaans San Salvadorkerkje in Vilar de Donas
het romaans San Salvadorkerkje in Vilar de Donas

Dit was ooit de hoofdstad van de Visigoten die, vanaf de val van het Romeinse Rijk tot de verovering door de Moren, over Spanje heersten. Vlakbij, wat van de weg af, in het dorp Vilar de Donas staat het merkwaardige romaanse Salvadorkerkje, dat vanaf 1184 eigendom was van de Santiago-ridderorde. Van hun klooster blijft niets over maar hun kerk bezit een mooi versierd ingangsportaal en binnen fraaie muurschilderingen (einde 14de eeuw), enkele graven van Santiago-ridders en een granieten retabel. Vandaar ging het dan via Coto, Lebureiro (met een stemmig kerkje en een oud pelgrimsgasthuis), Melide (met zijn romaanse kerk Santa Maria), Boente, Castañeda, Arzúa en Lavacolla (waar de pelgrims zich ritueel wasten in een riviertje) naar de Monte del Gozo.

Monte del Gozo

standbeeld van 2 pelgrims op de Monte del Gozo
standbeeld van 2 pelgrims op de "Monte del Gozo"

Vlak voorbij het dorp San Marcos begonnen de pelgrims aan de klim van de Monte del Gozo, de "Mont-Joie" of "Berg van de Vreugde". Vanaf de top van de heuvel konden ze ontroerd een eerste blik werpen op Santiago en op de majestueuze kathedraal met haar 9 oprijzende torens. Wie als eerste van een groep bedevaarders bovenkwam werd daar uitgeroepen tot koning van de bedevaart. Pelgrims die te paard reisden gingen vanaf hier te voet verder en sommigen legden de laatste kilometers, bij wijze van boetedoening, blootsvoets af.

Santiago de Compostela


© Copyright 2007- . Alle rechten voorbehouden. Contact: E-mail