De Zusters van O.L.V.-ten-Bunderen (vanaf omstreeks het jaar 1269)
Moorslede 1269-1578
Frankrijk 1578-1587
Ieper 1587-1785
Moorslede 1785-2004
Zonnebeke 2004 -
varia

   Zoek op deze site met FreeFind

 

beluister ClassicFM NL tijdens het surfen, 126 K stereo ('Windows Media Player' vereist)

Compostela - pelgrimsroutes in België

het netwerk van middeleeuwse pelgrimsroutes doorheen en vanuit ons land
het netwerk van middeleeuwse pelgrimsroutes doorheen en vanuit ons land. De rode stip toont de plaats
van het Gasthuis ten Bunderen in Moorslede, langs de Oude Heerweg Brugge-Rijsel.

Vanuit de toenmalige Noordelijke Nederlanden, Duitsland en de Britse Eilanden reisden Jacobuspelgrims in de late Middeleeuwen via de Zuidelijke Nederlanden naar Compostela. Zo was ons land een echt dóórtrekland. Maar de routes werden bij ons niet enkel gebruikt door pelgrims op doortocht maar ook door Vlaamse bedevaarders.

Zoals men kan zien op de bovenstaande kaart liepen er doorheen het grondgebied van het huidig België een viertal belangrijke doorgaande pelgrimsroutes vanuit het Noorden (Nederland) en het Oosten (Duitsland) zuidwaarts, die samenkwamen in Parijs en uitmondden in de "Via Turonensis", een van de 4 grote Noord-Zuidassen St.-Jakobsroutes in Frankrijk richting Compostela. Daarnaast vertrokken er in Vlaanderen zélf enkele minder belangrijke bedevaartswegen, vanuit de handelssteden Brugge (en zijn voorhavens aan het Zwin), Gent en Nieuwpoort in zuidelijke richting doorheen Noord-Frankrijk naar Parijs.

belangrijke doorgangsroutes

het netwerk van middeleeuwse Compostelawegen in noordelijk Europa
het netwerk van middeleeuwse Compostelawegen in noordelijk Europa

  • komend vanuit Duitsland

    1. De zogeheten "Niederstrasse", een pelgrimsroute vanaf Aken (D) - Maastricht (NL) - Leuven - Brussel - Halle - Zinnik - Bergen - Valenciennes (FR) - Kamerijk (Cambrai) - St.-Quentin - Noyon - Compiègne - Senlis - Parijs. Tussen Maastricht en Leuven waren er 2 varianten: ofwel via Bilzen, Hasselt, Diest en Aarschot; ofwel via Tongeren, St. Truiden, Zoutleeuw en Tienen.

    2. De "Via Mosana", een weg die vanaf Aken (D) zuidwaarts afdaalde naar de Maasvallei via Moresnet - Clermont - Luik - Hoei - Andenne - Namèche tot Namen. In Namen kon men kiezen tussen:
      • de "Via Gallia Belgica" via Dinant - Givet - Chimay - Guise (FR) - St.-Quentin - Compiègne - Senlis tot Parijs. Vanaf Chimay was er een alternatieve weg naar Parijs via Charlesvilles- Mézières en Reims.
      • "La Voie de Vézelay" via Dinant - Givet - Reims - Châlons-en-Champagne - Troye en Auxerre naar Vézelay. Daar begon de "Via Lemovicensis", de zogeheten Bourgondische route, een van de 4 grote Franse pelgrimswegen in de Middeleeuwen naar Santiago de Compostela.

  • komend vanuit de Noordelijke Nederlanden (nu Nederland)

    1. De as Utrecht - Mechelen - Brussel - Parijs.
      In Utrecht (NL) kwamen 2 wegen samen: één uit Alkmaar (via Amsterdam) en een andere uit Groningen (via Kampen en Amersfoort). Vanuit Utrecht ging de pelgrimsweg naar Mechelen, ofwel via Breda en Antwerpen, ofwel via Den Bosch en Lier. Vanuit Mechelen liep de route verder over Brussel - Halle - Zinnik - Bergen - Valenciennes (FR) - Kamerijk (Cambrai) - St.-Quentin - Noyon - Compiègne tot Parijs.

    2. De weg Groningen - Kampen - Zwolle - Deventer - Arnhem - Nijmegen - Oirschot - Diest (waar de weg uitkomt op de "Via Gallica Belgica") - Leuven - Brussel - Halle - Zinnik - Bergen - Valenciennes (FR) - Kamerijk (Cambrai) - St.-Quentin - Noyon - Compiègne tot Parijs.

routes met vertrekplaats in Vlaanderen

het pelgrimswegennet in België en noordelijk Frankrijk (R. de la Coste-Messelière, 1985)
de middeleeuwse pelgrimswegen in België en Noord-Frankrijk (R. de la Coste-Messelière, 1985)

Daarnaast vertrokken er in Vlaanderen zélf enkele minder belangrijke minder gefrequenteerde (alternatieve of secundaire) bedevaartswegen vanuit de handelssteden Brugge (en zijn voorhavens aan het Zwin, zoals Sluis), Nieuwpoort en Gent in zuidelijke richting doorheen Noord-Frankrijk naar Parijs.

  • vanuit Sluis (incl. de andere Brugse voorhavens aan het Zwin, St. Anna ter Muiden, Hoeke en Damme) en Aardenburg (startplaats van heerweg) - Brugge - Torhout - Roeselare - Moorslede (Gasthuis ten Bunderen) - Menen - Rijsel. - Arras. Vanuit Arras ofwel via Lens en Amiens naar Parijs, ofwel via Douai - Cambrai - St.-Quentin - Compiègne - Senlis - Parijs. Deze route wordt op een afzonderlijke webpagina uitvoerig beschreven.

  • vanuit Nieuwpoort (de "Via Yprensis") naar Ieper, en vandaar uit naar een etappepplaats van de "Via Brugensis" (de Brugse route): Menen ofwel (via Wervik) Tourcoing, Roubaix of Rijsel. Meer hierover op deze pagina

  • vanuit Gent leidde een route ("Via Scaldia" of de Scheldeweg) via Oudenaarde, langs de Schelde naar Doornik. Vanaf Doornik waren er 2 wegvarianten
    1. via Valenciennes naar Kamerijk (Cambrai), waar die samenkwam met de wegen Utrecht-Parijs en Brugge-Parijs, en dan via St.-Quentin, Noyon, Compiègne, Senlis en St.-Denis verder naar Parijs.
    2. ofwel via Douai, Atrecht (Arras), naar Amiens (waar hij uitkkwam op de belangrijke West-Franse weg Boulogne-Parijs)

pelgrimswegen in Vlaanderen nu

Ludo Van Lint, voorzitter van de Werkgroep Pelgrimspaden in Vlaanderen
Ludo Van Lint, voorzitter van de Werkgroep "Pelgrimspaden in Vlaanderen".

In october 2007 werd binnen het Vlaams genootschap van Santiago de Compostela (secretariaat: Varkensstraat 6, 2800 Mechelen. Tel. 015 29 84 36) een Werkgroep "Pelgrimspaden in Vlaanderen" opgericht, onder de leiding van Ludo Van Lint. Met het oog op het 25-jarig bestaan van het Genootschap en tevens het H. Jacobusjaar in Compostela in 2010 bracht de Werkgroep de pelgrimswegen vanuit Vlaanderen naar Compostela in kaart ten behoeve van de hedendaagse bedevaarders. Bij het uitstippelen van deze "pelgrimpaden van de 21ste eeuw" was het niet enkel de bedoeling om de oude middeleeuwse routes te reconstrueren. De Werkgroep wilde zowel rekening houden met de historische aspecten als met de aspiraties van de huidige Compostelagangers.


In een studiefase formuleerde de Werkgroep enkele uitgangspunten. In een volgende fase werden een aantal belangrijke criteria vastgelegd waaraan een hedendaagse pelgrimsroute moet voldoen. Vervolgens werden de pelgrimsroutes geselecteerd en uitgestippeld. In de laatste (implementatie)fase werden de geselecteerde "pelgrimspaden van de 21e eeuw" zichtbaar gemaakt, in samenwerking met andere andere organisaties en overheden in Vlaanderen. Dat vertaalt zich o.m. door de publicatie van een praktische pelgrimsgids voor elke geselecteerde weg en door een sobere bewegwijzering in Vlaanderen met een zelfklever waarop het Europese Camino-embleem is afgebeeld.

  • uitgangspunten



    1. In de Middeleeuwen waren er in de Zuidelijke Nederlanden eigenlijk geen specifieke pelgrimspaden. Door de grote bevolkingsdichtheid was er al een fijnmazig netwerk aan wegen beschikbaar. De pelgrims hadden keus te over. Afhankelijk van de tijdsomstandigheden kon de gekozen weg sterk verschillen.
    2. Er bestond wél een veelheid aan etappeplaatsen (bedevaartsoorden, heiligdommen, St. Jakobskerken, kapellen, kloosters, pelgrimsgasthuizen, herbergen), waartussen de pelgrims hun eigen weg zochten. Maar ook de belangrijkheid van die etappeplaatsen kon toe- of afnemen in de loop van de geschiedenis.
    3. Er zijn maar heel weinig verslagen van pelgrimstochten door de Zuidelijke Nederlanden bewaard.
    4. De meest bekende Middeleeuwse wegen waren de zogeheten "Niederstrasse" (vanuit Keulen via Maastricht, Leuven, Brussel en Halle), ook de weg vanuit Nederland via Antwerpen en Brussel naar Parijs en tenslotte de weg Brugge - Rijsel - Parijs.
    5. De kaarten met pelgrimswegen die nu circuleren zijn veelal gemaakt aan de hand van André Georges' boek "Le pélerinage à Compostelle dans la Belgique et le Nord de la France" uit 1971 toen Parijs - zeker voor de Waalse elite - nog het centrum van Europa was. Daarom zijn de pelgrimswegen op veel van deze kaarten op Parijs georiënteerd. Het is echter zeer waarschijnlijk dat een grote stroom pelgrims naar het zuiden niet via Parijs ging maar de Maasvallei volgde.

  • criteria

    logo van het Vlaams genootschap van Santiago de Compostela

    1. Authenticiteit. De Raad van Europa eist dat een pelgrimsweg naar Compostela in het verleden ook als zodanig gebruikt werd. Voor de Zuidelijke en Noordelijke Nederlanden, waar geen specifieke pelgrimswegen bestonden maar waar de pelgrims hun eigen weg zochten, is deze eis van authenticiteit minder belangrijk.
    2. Historisch belang. De belangrijkste historische etappeplaatsen moeten zoveel mogelijk in de hedendaagse pelgrimswegen worden geïntegreerd. Maar als de hedendaagse pelgrims in de praktijk nieuwe routes en nieuwe verzamelplaatsen hebben gecreëerd die afwijken van de Middeleeuwse routes, wordt hiermee rekening gehouden.
    3. Relevantie. De weg moet ook nuttig zijn voor pelgrims van de 21ste eeuw. Het heeft geen zin een weg te revitaliseren die niet (meer) wordt gebruikt. In de praktijk gaat nu meer dan 90% van de Nederlandse en Vlaamse pelgrims, die naar Santiago lopen, via de Maasvallei naar het zuiden. Dit is anders dan in de Middeleeuwen, wanneer de meerderheid van de pelgrims uit de Lage Landen via Parijs ging.
    4. Begaanbaarheid. De weg moet een ongestoord pelgrimeren mogelijk maken. Waar de historische pelgrimswegen inmiddels grote doorgaande wegen zijn geworden zoekt men een alternatieve route langs "trage" wegen. Daarbij hebben onverharde wandelwegen de voorkeur boven fietspaden; de fietspaden hebben de voorkeur boven autoluwe wegen en autoluwe wegen hebben de voorkeur boven drukke wegen.
    5. Doelgerichtheid. Een pelgrimsweg mag de pelgrims niet verplichten tot nutteloze omwegen om naar Santiago te stappen.
    6. De onderhoudbaarheid. Ook in de toekomst moet men de pelgrimsweg kunnen bewegwijzeren en beschrijven. Waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van de bestaande GR-paden, fiets- en wandelroutenetwerken, oevers van kanalen en rivieren. Dat maakt de beschrijving gemakkelijker en zo kan de bewegwijzering beperkt blijven tot hier en daar een zelfklever op een cruciaal punt.
    7. Integratie in de Europese pelgrimswegen. Om te komen tot een consistent Europees netwerk moeten de Vlaamse pelgrimswegen er een harmonisch onderdeel van uitmaken en naadloos aansluiten op de pelgrimspaden of GR-routes in de buurlanden.
    8. Integratie in de plaatselijke tradities. Dit is een bijkomend, minder zwaarwegend criterium. Lokale bedevaarttradities, bijv. het Sint-Evermarusfeest in Rutten, en belangrijke etappe-kerken, bijv. de St.-Jakobskerk in Brugge, moeten in de mate van het mogelijke bij de route betrokken worden.

  • de 5 uitgestippelde Noord-Zuid pelgrimspaden

    overzichtskaart van de bedevaartswegen, uitgestippeld door het Vlaams genootschap van Santiago de Compostela
    overzichtskaart van de bedevaartswegen (Vlaams genootschap van Santiago de Compostela)

    1. De "Via Brabantica" (de Brabantse Weg) met zijn varianten, die loopt van de Nederlandse grens via Kapellen, Antwerpen, Borsbeek en Lier naar Mechelen. Een variante loopt van Antwerpen direct naar Mechelen. Vanuit Mechelen verder via Leuven en Hoegaarden naar de Via Monastica. Ofwel van Mechelen naar Brussel en verder over de bestaande Via Brabançonne naar Nijvel (aansluiting op de Via Gallia Belgica richting Parijs en Tours).

    2. De "Via Limburgica" (de Limburgse Weg). Deze gaat via Maaseik en Alden Biezen naar Tongeren. Verder door Waals Haspengouw naar Éghezée waar deze Via aansluit op de Via Monastica.

    3. De "Via Monastica" (de Kloosterweg): van ’s Hertogenbosch (NL) via Vessem naar de norbertijnenabdijen van Postel, Tongerlo en Averbode. Een variante doet Tongerlo en Averbode niet aan. Van Zichem naar Diest of naar Scherpenheuvel. In Budingen of via Tienen en Hoegaarden naar Jodoigne, of via Zoutleeuw en Hélécine naar Jodoigne. Van Jodoigne naar Namen en verder door de Maasvallei naar de abdij van Leffe, Hastière, Givet en Hierges. Een variante loopt van Hastière (Hermeton) via Doische naar Hierges. Tenslotte via Olloy-sur-Viroin en Oignies naar Rocroi.

    4. De "Via Brugensis" (de Brugse weg) gaat van Sluis (NL) via Hoeke en Damme over Brugge, Lichtervelde, Gits, Roeselare, Beitem, Moorslede, Menen en Doornik naar Sebourg Valenciennes. Het uittekenen van deze weg werd toevertrouwd aan Paul De Marez (coördinator), Dirk Aerts, Roland Debrabandere, Paul De Vlam, Guido Haesaert, Piet Hardeman en Gilda Schaerlaeckens. Nadat het Noord-Frans Compostelagenootschap (Rijsel) een hedendaagse pelgrimsroute klaar heeft vanaf de Frans-Belgische grens en de weg doorheen Rijsel heeft gereconstrueerd, is het de bedoeling om een variante van de "Via Brugensis" door te trekken richting Rijsel.

    5. De "Via Scaldia" (de Scheldeweg) die vanuit Gent langs de Schelde over Oudenaarde en Ronse naar Doornik loopt.

© Copyright 2007- . Alle rechten voorbehouden. Contact: E-mail