De Zusters van O.L.V.-ten-Bunderen (vanaf omstreeks het jaar 1269)
Moorslede 1269-1578
Frankrijk 1578-1587
Ieper 1587-1785
Moorslede 1785-2004
Zonnebeke 2004 -
varia

   Zoek op deze site met FreeFind

 

beluister ClassicFM NL tijdens het surfen, 126 K stereo ('Windows Media Player' vereist)

In de Rijselsestraat in Ieper (1695-1783)

Coninckxdaele in de Rijselsestraat 56-58
de tweewoonst Coninckxdaele in de Rijselsestraat 56-58.
De kleinere woning rechts wordt pas in 1773 eigendom van de zusters

1695 - Directeur Jacobus Theodorus de Coninck koopt op 8 juni in de "Meessenstraete" (de huidige Rijselsestraat, nr 58), in het centrum van de stad, een grote leegstaande patriciërswoning (links op de bovenstaande foto) en schenkt die aan de communauteit van 6 zusters.

het blauw pijltje toont de plaats van Coninckxdaele in de Rijselsestraat (kaart van Ieper. Joan Blaeu, 1649)
het blauw pijltje toont de plaats van Coninckxdaele in de Rijselsestraat
(kaart van Ieper. Joan Blaeu, 1649)

Na hun verblijf van 88 jaar in het klein en ongezond huisje aan het St.-Jakobskerkhof trekken deze opgelucht naar hun nieuwe woonst. De nabijgelegen St.-Maartenskathedraal wordt hun parochiekerk en voorlopige bidplaats. Klik hier voor een uitgebreide beschrijving (incl. interieur) van het Coninkcdaele-klooster;.

Martinus de Ratabon, de bisschop van Ieper van 1689 tot 1713
Martinus de Ratabon, bisschop van Ieper van 1689 tot 1713

Nog datzelfde jaar komt de Ieperse bisschop Martinus de Ratabon hen bezoeken in hun nieuwe kloosterpand en legt er de eerste steen van een kapel, aan de linkerkant van het huis.

het wapenschild van directeur de Coninck
het wapenschild van directeur de Coninck op een kazuifel, geborduurd door de Bundernonnen in 1688
(St. Maartenskathedraal Ieper)

Uit dankbaarheid zullen de religieuzen later de naam van hun directeur toevoegen aan die van het klooster, en zich "zusters kanunnikessen van St.-Augustinus van ten Bunderen-Coninckxdaele" noemen. En als blazoen kiezen ze de zesstralige gouden ster op azuurblauw veld over, die prijkt op het wapenschild van directeur de Coninck.

de Franse koning Lodewijk XIV
de Franse koning Lodewijk XIV
Madame de Maintenon
Madame de Maintenon

1699 - de Franse gouverneur in Ieper stuurt een klacht naar zijn minister in Parijs omdat de zusters zijn verhuisd zonder de "patente" (= de formele toestemming van de burgerlijke overheid, in casu van Lodewijk XIV, de koning van Frankrijk). Op aanraden van Mgr de Ratabon trekken 2 Bundernonnen naar de Franse hoofdstad om er de zaak alsnog in der minne te regelen. De Parijse aartsbisschop, kardinaal Louis de Noailles, brengt het tweetal in contact met de invloedrijke markiezin Armande Félice de Mailly, die op haar beurt voorspreekster is bij Mme de Maintenon, waarmee de koning in het geheim is getrouwd. Na maar liefst 3 jaar wachten kunnen de 2 zusters eindelijk gerustgesteld terugkeren naar hun communauteit! Nadien moet nog wél een geldboete van 1400 gulden worden betaald aan de Franse magistraat van Ieper.

de achterzijde van de kapel naast Ten-Bunderen coninckxdaele
de achtergevel van de kapel naast "Ten-Bunderen-Coninckxdaele",
met het wapenschild onder het roosvenster (Foto van voor de
verwoestingen van WO I. Uit het boek "Het Ieper van toen")

1708 - De bouw van de kloosterkapel, met St.-Jozef als schutspatroon, - voorlopig reeds ingewijd in 1699 door de bisschop - is na 8 jaar voltooid. Ze is verbonden met Coninckxdaele via een binnendeur. Drie klokken, Jezus ("de groote Clocke"), Maria ("de middel-Clocke") en Jozef ("de Cleyne Clocke") kondigen de eerste mis aan, die erin wordt opgedragen door directeur de Coninck. Klik hier voor een beschrijving van het interieur van de kapel.

situering van Coninckxdaele op een hedendaags stadsplan van Ieper
situering van Coninckxdaele op een hedendaags stadsplan van Ieper

Door de uitbreidingswerken voor de kapel is het "Gouden Hoofdstraatje" (genoemd naar een taveerne op de hoek) sterk versmald. Het overblijvende blinde steegje, langswaar de gelovigen uit de buurt de kapel kunnen bereiken, wordt "Kerken-stratjen" en heden ten dage St.-Elisabethstraat genoemd.

1709 - Directeur de Coninck maakt zijn testament op, dat zeer voordelig is voor de communauteit. De benadeelde natuurlijke erfgenamen beginnen later een gerechtelijke vervolging, die pas in 1721 zal eindigen in het voordeel van... de zusters.

1712 - De 12 zusters betreuren op 11 november de dood van hun geliefde directeur en weldoener J. Th. de Coninck, op 63-jarige leeftijd. In de vloer van het koor in de kloosterkapel laten ze in 1721 een arduinen grafsteen ("sepulture") inmetselen voor de overledene.

de Oostenrijkse keizer Karel VI
de Oostenrijkse keizer Karel VI, die regeert van 1711 tot 1740.

1713 - Bij de Vrede van Utrecht staat Frankrijk westelijk Vlaanderen af aan de Habsburgse keizer Karel VI van Oostenrijk. Onder zijn bewind tekent zich een duidelijk economisch herstel af in onze gewesten. Nagenoeg de hele eerste helft van de 18de eeuw beleeft de kloostergemeenschap van Ten Bunderen-Coninckx-daele een bloeitijd: het aantal zusters groeit aan (18 in 1738!) en de inkomsten uit de vele eigendommen rond het vroegere Gasthuis in Moorslede stijgen.

zo moet de grafcrypte er ongeveer hebben uitgezien
zo moet de grafcrypte er ongeveer hebben uitgezien

1738 - Onder het koor van de kloosterkapel wordt een rechthoeke crypte, "doodt-kelder", gegraven (7 op 5,4 meter en bijna 2 meter hoog), met een 30-tal uitgemetselde kuilen in de wanden voor de graven van de overleden zusters. Later, in mei 1781, komt er een verbod van de Oostenrijkse keizer Jozef II om nog langer doden te begraven in kerken of kapellen. Daarom wordt, tegen de scheidingsmuur met "d'arme meyskens"-school, een klein kerkhof aangelegd, waar slechts één zuster zal worden ter aarde besteld. In 1885 worden door de Stedelijke Meisjesschool, gehuisvest in het vroegere Coninckxdaele, graafwerken uitgevoerd in de kapel, om die in te richten als refter. Tijdens die werken wordt de vroegere grafkelder van de Bundernonnen teruggevonden. Op één van de platen, die de tomben in de zijmuren bedekken, is het grafschrift te lezen van directeur de Coninck: "D.O.M. Hic jacet R.D. Jacobus Theodorus De Coninck, P.B.R. Ecliae hujus Fundator obiit 11a9bris 1712. R.I.P.".

1740 - De Oostenrijkse keizer Karel VI overlijdt en zijn oudste dochter Maria-Theresia neemt de scepter over. Dat is niet naar de zin van enkele andere Europese vorsten, o.m. de Spaanse en Franse. Haast alle Europese mogendheden raken betrokken bij het conflict, waarmee een bruusk einde komt aan een periode van politieke rust en stabiliteit op het kontinent. In 1744 breekt de zogeheten Oostenrijkse Successie-oorlog los, die voornamelijk wordt uitgevochten in de Lage Landen.

de Franse koning Lodewijk XV
de Franse koning Lodewijk XV
maarschalk A.M. de Noailles
maarschalk A.M. de Noailles

De Franse koning Lodewijk XV valt Belgie binnen om de aanwezige Nederlandse, Britse en Oostenrijkse legers te verdrijven. Zijn troepen, aangevoerd door maarschalk Adrien de Noailles, belegeren Ieper. De Roesbrugge-Dames van de Abdij-Ter-Nieuwe-Plant vragen en krijgen een voorlopige schuilplaats bij de zusters van Ten Bunderen in Conincxkdaele. Ze volgen het communauteitsleven van de "Nonnenbunders" en brengen de nacht door in het salon ("salette"). Op 25 juni kapituleren de Oostenrijkse bezetters.

het interieur van de St.-Maartenskathedraal
het interieur van de St.-Maartenskathedraal

Lodewijk XV doet enkele dagen later zijn plechtige intrede in de stad en woont in de St.-Maartenskathedraal een "Te Deum"-plechtigheid bij. De Roesbrugge-Dames kunnen terugkeren naar hun abdij en, als dank voor de gastvrijheid tijdens de oorlog, lezen ze voortaan jaarlijks op 6 januari een "Veni Creator Spiritus".

keizerin Maria-Theresia
de Oostenrijke keizerin Maria-Theresia

1748 - De erfopvolgingsoorlog stopt uiteindelijk met de Vrede van Aken. Maria Theresia wordt erkend als enige erfgename van haar vader Karel VI. Frankrijk geeft alle veroverde gebieden in de Zuidelijke Nederlanden aan haar terug.

Keizerin Maria-Theresia (1740-1780), hoewel zeer gelovig en vroom, is sterk beïnvloed door het gedachtengoed van het "Verlicht despotisme", d.w.z. sociaal-politieke hervormingen doorvoeren in naam van het volk, onder het motto: "alles voor mijn volk, maar niets door mijn volk". Geïnspireerd door de filosofen van de Verlichting is ze gewonnen voor een geleidelijke inperking van de eeuwenoude voorrechten van de geestelijkeid en voor een onderwerping van alle godsdienstige aangelegenheden aan het toezicht van de overheid. Zo vaardigt ze een reeks onpopulaire beperkende maatregelen uit voor de Kerk die met name op de kloosters een negatieve weerslag hebben.

kloostertafereel (schilderij van Th. Cleynhens)
kloostertafereel (schilderij van Th. Cleynhens)

  • Een edict van 1753 verbiedt de kloosters o.m. om (dotale) goederen te aanvaarden of deze te ruilen, zonder toestemming van de overheid. De aanvaarding van een nieuwe zuster moet volledig kosteloos zijn op straf van boete of zelfs suppressie van het klooster. Dat verzwaart uiteraard de financiële lasten van de communauteit.
  • Een edict van 1771 verbiedt, op straffe van ongeldigheid, een testament op te maken in aanwezigheid van een geestelijke of kloosterling(e).
  • Een edict van 1772 verbiedt om novicen plechtige geloften te laten afleggen (= professie) vóór de leeftijd van 25 jaar, op straf van een zware geldboete bij een 1ste overtreding en van afschaffing van het klooster bij een 2de overtreding. Sinds het Concilie van Trente was de minimum-leeftijd voor professie vastgelegd op 16 jaar (9 jaar jonger!).
  • De overste moet de professie van haar novicen minstens één maand vooraf aankondigen bij de Fiscale Raden, met de vermelding van de naam, de geboorteplaats, benevens de namen van de ouders of voogd van de betrokkene(n) plus met toevoeging van een echtverklaard uittreksel van de doopakte.

het Register van de Professies in ten Bunderen gheseyt Conincxdaele
het Register van de Professies in "ten Bunderen gheseyt Coninckxdaele"

Om de overheid op elk moment schriftelijk te kunnen bewijzen dat de verordeningen in verband met intrede en professie van religieuzen zijn nagekomen, legt priorin Agnes de Wilde (verkozen in 1750) vanaf eind 1771 een "Register" aan van de nieuwe religieuzen, met daarin de vermelding van de dag van intrede, kleding, professie en overlijden.

vermelding in het Register van de intrede en kleding van Zr Carolina Verhelst
vermelding in het Register van de intrede en kleding van Zr Carolina Verhelst

De eerste novice die onder het nieuw stelsel valt van de edicten is Mary Anne Rosa Verhelst, die later als Zr Carolina een belangrijke rol zal spelen in het voortbestaan van de communauteit. Op 30 maart 1772, op de leeftijd van 20 jaar, treedt ze binnen. Op 15 juni van datzelfde jaar ontvangt ze het kloosterhabijt (= inkleding) en neemt de kloosternaam "Zuster Carolina" aan.

vermelding in het Register van de professie van Zr Carolina Verhelst
vermelding in het Register van de professie (= eeuwige geloften) van Zr Carolina Verhelst

Tot 5 maal toe wordt Zr Carolina opnieuw toegelaten door het kloosterkapittel, tot ze op 8 januari 1777, na 4,5 jaar noviciaat, de volle leeftijd bereikt van 25 jaar, en haar eeuwige geloften mag uitspreken.

het in 1773 verworven buurhuis rechts
het in 1773 verworven buurhuis rechts

1773 - De Zusters van "Ten Bunderen-Conincxdaele" bekomen het naburig huis rechts (huidig huisnummer 56), bewoond door ene Heer Florisoone. Maar ze houden daarbij geen rekening met het keizerlijk edict van 1753, dat kloosters nadrukkelijk verbiedt om goederen te aanvaarden of te ruilen. Na lang redetwisten met de magistraat van Ieper mogen de zusters het aanpalende pand behouden, mits het geruild wordt met hun huis in de Clierstraat (de huidige St.-Jakobsstraat), en ze een hoge boete betalen ten bate van de armendissen van Ieper.

de verlichte despoot Jozef II
de verlichte despoot, "keizer-koster" Jozef II

1780 - Keizerin Maria-Theresia sterft en wordt opgevolgd door haar zoon Jozef II (1780 - 1790). Deze laatste volgt een véél radikale koers tegenover de Kerk en staat ronduit vijandig tegenover contemplatieve kloosters. Een van de eerste slachtoffers van zijn genadeloos anti-kerkelijk beleid is de communauteit van "Ten Bunderen-Conincxdaele" in Ieper, die 18 leden telt. Aan het tragische verhaal van de afschaffing van deze religieuze gemeenschap in 1783 besteden we een afzonderlijke pagina op deze website.

Coninkxdaele in de Rijselsestraat (ansichtkaart van voor WO I)
Coninckxdaele in de Rijselsestraat (afbeelding van voor 1874)

© Copyright 2007- . Alle rechten voorbehouden. Contact: E-mail